Japanse lork
FB. 2230
Larix kaempferi (Lamb.) Carrière
Familie Pinaceae.
Diagnostische kenmerken
Twijgen behaard, donker oranjerood tot bruin. Bladen blauwgroen, aan de onderzijde met 2 witte strepen. Zaadschubben vanaf het midden naar buiten gekromd, de top ongeveer horizontaal gericht.
Hoogte
Tot 35 m.
Bloeitijd
April-mei.
Levensvorm
Fanerofyt.
Zeldzaamheid en verspreiding
Veel aangeplant in bossen, soms verwilderd; ook als tuinboom. Uit Japan.
Opmerking
De bastaard Larix xmarschlinsii Coaz - FB. 5180 (= Larix decidua x Larix kaempferi; syn. Larix xeurolepis A.Henry) wordt eveneens aangeplant; lijkt het meest op Larix kaempferi en is daar soms vrijwel niet van te onderscheiden. Eerste-generatie hybriden onderscheiden zich door de lichter gekleurde twijgen en de alleen aan de top teruggekromde zaadschubben.
Deze soort wordt in de Sleutel uitgesleuteld op de volgende pagina('s):
Pagina 2437: Larix - Lork